Betere aanbesteding in IT bespaart burger miljarden

Als de peperdure IT-projecten van de overheid professioneler worden aanbesteed, kan het kabinet – en dus de burger – vele miljarden euro’s besparen. Met slimmere aanbestedingen, afslanken van het vaak overcomplexe applicatielandschap en besparen op zinloze onderhoudscontracten is minimaal de helft te bezuinigen. Dat is meer dan het kabinet nu bijvoorbeeld op de AWBZ wil korten.

Tientallen miljarden heeft de overheid de afgelopen jaren uitgegeven aan IT. 75 procent daarvan is over de balk gesmeten. Jarenlang. De debacles bij Defensie, Belastingdienst, UWV en Politie staan nog scherp op het netvlies. Hebben we geleerd? De Tweede Kamer heeft zo zijn twijfels. Deze maand begint het parlementair onderzoek naar falende IT-projecten.

Allereerst is het voor een goed begrip belangrijk om onderscheid te maken tussen twee soorten bedrijven in de IT-sector. Implementatiepartners helpen de opdrachtgever met het laten werken van software, net als een aannemer in de bouw. Hiernaast kennen we de technologiepartijen, die leveren software; vergelijkbaar met de groothandel in stenen en cement.

Als eerste moeten marktpartijen stoppen met de fixatie op geld. Kwaliteit is een ondergeschoven kindje. Implementatiepartners lopen altijd tegen hetzelfde aan. Zo weet de overheid vaak niet te formuleren wat ze eigenlijk wil. Daarom wordt er bijna altijd op prijs geselecteerd. De partij die het laagst inschrijft, wint. Maar hoe moet je prijs koppelen aan kwaliteit en volume? Wat krijgen we eigenlijk aan performance voor die prijs? Dit is ook niet makkelijk. Toch zijn er wel degelijk methoden om kwaliteitseisen vooraf te formuleren en hierdoor de gewenste performance te bepalen. Deze methoden worden echter nog nauwelijks effectief toegepast.

Nog erger is het met de aanbestedingen in de technologie. Die hebben een grotere impact op de trajecten. In overtuigende salespresentaties krijgen opdrachtgevers oplossingen voorgespiegeld die feitelijk niet mogelijk zijn of in werkelijkheid te veel inspanning vraagt om het gewenste resultaat te verkrijgen. De implementatiepartner moet vervolgens de opdrachtgever ondersteunen in de keuzes die zij maakt, maar gaan mee in de hype zonder dat ze weet hoe het product technisch in elkaar steekt. De technologiepartij die de aanbesteding wint verkoopt vervolgens direct haar licenties. Grote sommen belastinggeld vliegen zo de deur uit voordat er ook maar iets werkt. Vervolgens rusten de leveranciers van de software te veel op hun lauweren en verliezen door deze instelling innovatiekracht.

Het zou beter zijn als een opdrachtgever na gunning een bedrag betaalt aan de technologiepartij voor het gebruik van hun ontwikkelomgeving en het begeleiden van de implementatiepartner. Vervolgens zet de implementatiepartner functionaliteit weg binnen de technologie en maakt het passend voor de opdrachtgever. Hierna wordt het gebruik gemeten en wordt voor de afgenomen technologie betaald.

De IT-sector is wel degelijk in staat waar voor zijn geld te leveren. Broodnodige verandering begint bij de manier waarop partijen samen projecten en aanbestedingen doen. Verbinden en daarnaast committeren aan het resultaat is hierbij de basis. Marktpartijen moeten haar maatschappelijke verantwoordelijkheid nemen en er voor zorgen dat de burger de rekening niet meer krijgt gepresenteerd.

Hans van Bommel

SpronQ

Delen: